0

Winkelwagen

Bekijken Sluiten
Uw winkelmand is leeg

home expositiewederopbouwversterking dijken en duinennoodherstel en definitief herstel

Noodherstel en definitief herstel

Noodherstel
Het noodherstel moest zo snel mogelijk gebeuren om uitbreiding van de schade te beperken. De middelen waren beperkt, dus er werd veel creativiteit en improvisatie vereist.

Voor de sluiting van grote stroomgaten was echter een gedegen voorbereiding nodig. Deze afsluitingen waren moeilijk en kregen ook veel publiciteit bijvoorbeeld de sluitingen bij Ouwerkerk, Schelphoek en Kruiningen. Er moesten vaak noodwaterkeringen in het achterland worden aangelegd en voor de sluitingen werden caissons "op maat" vervaardigd als aanvulling op de grote caissons uit de 2e wereldoorlog.

Definitief herstel
Na het noodherstel werkte men de zeedijken op de traditionele wijze af. Eigenlijk was het uitgangspunt de dijken weer zo sterk te maken als vóór de ramp, maar veel nieuwgebouwde dijken kregen een aanzienlijk grotere sterkte. Aan de noordzijde van Schouwen-Duiveland was de beste oplossing het Dijkwater af te sluiten met een dam, zodat tevens de kustlijn korter werd. In enkele gevallen werd de kustlijn ook verkort door het afdammen van havens (bijv. Cadzand). Bij het Flaauwe Werk aan de noordkust van Goeree was de duinregel zo verzwakt dat besloten werd tot aanleg van een 2 km lange asfaltdijk. Ook bij Zoutelande, Nieuwvliet en Groede zou later een dijk komen in plaats van een duin.

Niet alleen zeedijken werden versterkt. Bij de Ramp waren overstroomde polders van Schouwen en van Duiveland met elkaar in contact gekomen. Om dit in de toekomst te voorkomen werd de Schouwense Dijk tussen Zierikzee en Brouwershaven verstevigd. Later zou zelfs een 7,5 km lange extra binnendijk dwars over het eiland Schouwen worden aangelegd, de zgn. Delingsdijk, om te voorkomen dat bij een dijkdoorbraak langs de kust heel het eiland zou vollopen.