Vrijdag 1 maart – Expo ‘Veranderende wereld’ sluitstuk nieuwe invulling van vierde caisson

KNMI-topman blij met samenwerking met watersnoodmuseumKlimaatbewustzijn. Dat is wat KNMI-topman Gerard van der Steenhoven betreft het sleutelwoord. En bewustwording is, zegt hij, iets heel anders dan bangmakerij. Van der Steenhoven is blij met de samenwerking tussen het KNMI en het watersnoodmuseum in Ouwerkerk en het resultaat daarvan. Met de 1 maart geopende vaste expositie ‘De Veranderende Wereld’ is de kroon gezet op de nieuwe invulling van het vierde caisson van het museum.

Bij de nieuwe expositie worden op een grote wereldbol aan de hand van de meest recente klimaatmodellen de effecten van het veranderende klimaat op het leven – in Nederland maar ook in de rest van de wereld – in beeld gebracht. Een belangrijk verhaal dat verteld moet worden, vindt Van der Steenhoven. Want er zijn nog steeds mensen die het verhaal dat het klimaat verandert én dat dat veroorzaakt wordt door menselijk handelen, bestempelen als ‘onzin’ en ‘bangmakerij’.

Volstrekt ten onrechte volgens Van der Steenhoven. ‘De foto’s zijn overtuigend. Poolijs smelt, gletsjers worden zichtbaar kleiner. En toch blijft het nodig om het verhaal van de klimaatverandering keer op keer te blijven vertellen.’ Waar hij ook vaak tegenaan loopt is de opvatting dat het geen enkele zin heeft als een klein landje als Nederland vergaande – en kostbare – maatregelen neemt om de CO2-uitstoot terug te dringen.

Vilein
‘Dat is een heel vilein argument’, aldus de KNMI-topman. Een argument dat in de visie van Van der Steenhoven geen hout snijdt. Het feit dat Nederland een klein land is en haar invloed beperkt is, ontslaat Nederland en de Nederlanders niet van de plicht de strijd aan te binden met de klimaatverandering. ‘We moeten er iets aan doen. En dat moeten we met z’n allen doen.’

De rol van het KNMI is volgens Van der Steenhoven in dit verband een belangrijke. Het KNMI is meer dan een instituut dat het weer voorspelt. ‘Wij zijn er voor de samenleving. Wij zijn er om schade en leed door het weer te beperken.’ Belangrijk instrument om dat doel te bereiken, is waarschuwen. Tijdig waarschuwen zodat maatregelen getroffen kunnen worden.

Bijvoorbeeld om leed door hitte voor te zijn. ‘Een hittegolf is de meest dodelijke natuurramp. Als je weet dat er een hittegolf op handen is kun je bijvoorbeeld water op het platte dak van een zorgcentrum zetten om te voorkomen dat het binnen te heet wordt. Of je kunt mensen evacueren naar een koelere plek.’

Early warning Center
Hoog op het verlanglijstje van Van der Steenhoven staat het realiseren van een ‘early warning center’ bij het KNMI. ‘We kunnen het weer steeds nauwkeuriger voorspellen, stormen aan zien komen.’ Tijdig waarschuwen – Van der Steenhoven trekt de parallel met de watersnoodramp – had in 1953 levens kunnen redden in Zuidwest Nederland.

Directeur van het watersnoodmuseum Siemco Louwerse kan zich helemaal vinden in de woorden van Van der Steenhoven: ‘De nieuwe invulling van het vierde caisson heeft als titel “Het water blijft komen – vechten tegen de vloed van morgen”. Die strijd mogen we nooit veronachtzamen.’

Siemco Louwerse en KNMI-topman Gerard van der Steenhoven (R), foto: Piet Kleemans