Veerse Gatdam

Veerse Gatdam (1958-1961)
De Veerse Gatdam aan de monding van het Veerse Gat verbindt Walcheren met Noord-Beveland. De aanleg van de dam is lastig, want de stroming is er sterk. Zowel bij eb als bij vloed stroomt 70 miljoen kubieke meter water door de monding. Daarom wordt gekozen voor ‘doorlaatcaissons’, elk ter grootte van een flat met zeven verdiepingen.
Eerst wordt het traject voor de dam in het 320 meter brede gat opgehoogd met zand. Vervolgens wordt een 100 meter brede ‘drempel’ van stenen aangebracht waarop de caissons stevig kunnen staan. Om de drempel tegen erosie door stroming en schroefstralen van scheepsschroeven te beschermen wordt een filter van meerdere lagen steen van verschillende korrelgrootte aangelegd.

Veerse Gatdam
Veerse Gatdam

Schuiven
Ten slotte worden de caissons één voor één geplaatst. Op het moment van plaatsing staan ze open zodat het water er ongehinderd doorheen kan stromen. Op het moment dat de stroming minimaal is – het moment dat eb overgaat in vloed – worden de schuiven in de caissons neergelaten, waarna de dam afgemaakt wordt.
Eerst worden zand en stenen gestort op de caissons en uiteindelijk een laag asfalt. De Zandkreek is dan al afgesloten en het Veerse Meer is een feit. In de jaren negentig wordt er zand over het asfalt van de dam gespoten en helmgras aangeplant om de dam zoveel mogelijk op een duin te laten lijken. Aan de Veerse Meer-zijde van de dam loopt een weg. Aan de Noordzeekant is een breed strand.