Caissons

Plaatsing van de caissons in het stroomgat bij Ouwerkerk; inmiddels herbergen de caissons het Watersnoodmuseum.

Het gebruik van betonnen caissons als golfbreker stamt al uit het begin van de twintigste eeuw. De eerste caissons worden door Nederlanders ontworpen, maar als gevolg van traditioneel denken nog niet in de praktijk toegepast. In andere landen worden de caissons gebruikt bij de aanleg van kunstmatige havens.

Phoenix caissons

in 1942 geeft Winston Churchill opdracht een noodhaven te ontwerpen voor een diepe- en stormachtige kust. Deze haven moet geschikt zijn om schepen en materieel van geallieerden te kunnen lossen aan het strand van Normandië. Het idee van ‘afzinkbare golfbrekers’ komt weer op. Verschillende ontwerpen worden gemaakt. Het uiteindelijke ontwerp van de caisson is rechthoekig van vorm, zoals de caissons van het Watersnoodmuseum. De caissons worden Phoenix caissons genoemd.

De eerste caissons in Nederland

Tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn de dijken op Walcheren op vier plaatsen gebombardeerd door de geallieerden. Zij wilden het eiland onder water zetten om zo de Duitse bezetters te verdrijven. Het dichten van de dijkgaten blijkt een zware klus. De Nederlandse waterschap ingenieurs  staan tot dan toe sceptisch tegenover het gebruik van caissons. De stroomgaten kunnen echter niet worden gedicht met de oorspronkelijke methoden. Hierdoor zien zij zich gedwongen gebruik te maken van caissons. De Nederlandse regering koopt Phoenix Bx caissons, die eerder werden gebruikt door geallieerde troepen in Normandië. Het gebruik van caissons vormt een ommekeer in het Nederlandse waterstaatkundig denken.

Tekst gaat verder onder de foto

De vier caissons bij Ouwerkerk

Watersnoodramp

In de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 woedde een zware noordwesterstorm. Mede door de stand van de maan werd het water tot ongekende hoogten opgezwiept en een heuse orkaan beukte op de Noordzeekust. Op de 31e, zaterdagmiddag, zakte het waterpeil nauwelijks bij eb en tegen de avond begon een noodtoestand te dreigen. De loodsdiensten vielen uit, op de Noordzee kwamen tientallen schepen in moeilijkheden en een drietal strandde op de Nederlandse kust Overal was dijkbewaking ingesteld maar niets was meer opgewassen tegen de kolkende watermassa. De ramp voltrok zich in de nacht, enkele uren voor de hoogste waterstand. Overal in Zuid-West Nederland begonnen de noodklokken te luiden. Kort daarna sloegen de golven over de dijken en dammen en braken dijken op vele plaatsen door. Honderden mensen vluchtten op de daken van hun huizen en in bomen in de hoop het vege lijf te redden.

Na de watersnoodramp moeten de vele dijkgaten in grote haast worden gedicht. Dankbaar wordt teruggegrepen op de goede ervaringen met de caissons bij Walcheren. Men besluit acht grote Phoenix Ax caissons van de Britse regering te kopen. Sleepboten vervoeren de caissons van Engeland naar Zeeland. Daarnaast worden in Nederland 411 zogenaamde ‘eenheidscaissons’ vervaardigd en gebruikt. Eindelijk kunnen de stroomgaten worden gedicht.

Kort na het fatale rampweekend, namelijk op 18 februari 1953, stelde de toenmalige minister van Verkeer en Waterstaat J. Algera een commissie van deskundigen in die tot opdracht kreeg: ”Een onderzoek naar welke voorzieningen er nodig waren met eventueel afsluiting van zeearmen, om te voorkomen dat er ooit weer zoʼn ramp zou kunnen plaatsvinden”. Na uitvoerige studie, veel rapporten en rekening houdende met technische en economische aspecten bracht de Deltacommissie begin 1954 rapport uit.

De werking van een caisson

Op 6 november 1953 werden de laatste twee caissons geplaatst om het laatste gat in de dijk bij Ouwerkerk te sluiten. In samenwerking met Ingenieursbureau Movares – adviseurs en ingenieurs  maakten we onderstaande animatie waarin uitgelegd wordt hoe de caissons precies werken.

Meer infromatie over Phoenix-caissons

In 2016 besloot het Watersnoodmuseum in nauwe samenwerking met Cor Heijkoop het boek “PHOENIX-CAISSONS: Drijvende kolossen voor vrede en veiligheid ” in een herziene versie opnieuw uit te geven.