Overstromingen voorkomen, vergt een breed waterbeheer

Op 34 plekken in Nederland geeft Rijkswaterstaat rivieren meer ruimte, foto: Beeldbank Rijkswaterstaat.

Hoogwater constante bedreiging voor Nederland

Goede dijken alleen zijn niet genoeg. Om overstromingen te voorkomen is een breed palet aan maatregelen nodig. Maatregelen die water de ruimte geven en tegelijkertijd Nederland beschermen tegen hoogwater. Want hoogwater is een constante bedreiging voor het laaggelegen Nederland. Rijkswaterstaat moet heel wat ballen in de lucht houden om Nederland te beschermen tegen het water.

Dat betekent niet dat er nu tevreden achterover geleund kan worden. ‘Veiligheid is nooit klaar. Aan de zeeweringen zal altijd moeten worden gewerkt, zeker als je aan ontwikkelingen als klimaatverandering en zeespiegelrijzing denkt.’ zegt Ellen Visser, directeur Netwerkmanagement Zee en Delta Rijkswaterstaat in mei 2015 in een interview met de PZC over project Zeeweringen.

Al bijna 65 jaar is in Nederland niemand meer omgekomen bij overstromingen en dat willen Rijkswaterstaat en de waterschappen graag zo houden. Daarom worden regelmatig dijken, duinen, sluizen en gemalen gecontroleerd. In het hoogwaterbeschermingsprogramma staat wanneer welke waterkeringen aangepakt moeten worden. Geen sinecure want tussen nu en 2028 dienen bijna 500 sluizen en meer dan 1100 kilometer dijk – verspreid over bijna 300 projecten in het hele land – onder handen te worden genomen.

Vooroevers – daar waar onder water de teen van de dijk begint – vormen de basis van dijken en dammen. Langsstromend water spoelt zand en stenen weg waardoor de vooroevers worden uitgehold. Om te voorkomen dat na de vooroever ook het dijk- of damlichaam wordt aangetast, bedekt Rijkswaterstaat de vooroevers met staalslakken en breuksteen.

Ruimte voor de rivier
Op 34 plekken in Nederland verkleint Rijkswaterstaat de kans op overstromingen door rivieren meer ruimte te geven. Dat gebeurt onder meer door rivierdijken verder landinwaarts te leggen en watergeulen aan te leggen die bij hoog water vollopen. De IJssel krijgt op deze manier meer ruimte door de vaargeul te verdiepen.

Ook worden op verschillende plekken de uiterwaarden verlaagd. Bij hoogwater overstromen de uiterwaarden. Zo krijgt de rivier tijdelijk meer ruimte en is de druk op de dijken minder. In het kader van deelproject ‘Stroomlijn’ wordt begroeiing van de uiterwaarden weggehaald of flink gesnoeid zodat het water in de rivier ook bij hoog water goed kan blijven doorstromen.

Door kades te versterken, de rivier te verdiepen en te verbreden, hoogwatergeulen aan te leggen en de uiterwaarden te verlagen, probeert Rijkswaterstaat te voorkomen dat de Maas overstroomt. Die verdieping van de rivier zorgt er in combinatie met het verhogen van bruggen voor dat de Maas geschikt blijft voor grotere binnenvaartschepen.

Tussen Maasbracht en Den Bosch krijgt de Maas meer ruimte om het achterland te beschermen tegen hoogwater. Doordat de Maas meer ruimte krijgt ontstaat 1800 hectare nieuwe natuur. Rijkswaterstaat werkt over een totale lengte van 222 kilometer op 52 plekken aan de Maas.

Verlaging van het zomerbed in de IJssel bij Zwolle, foto: beeldbank Rijkswaterstaat

Kustverdediging
De duinen en stranden zijn een belangrijke bescherming tegen de zee. Door wind, golfslag en stroming verdwijnt er zand van de kust en verliezen de stranden terrein door de stijgende zeespiegel. Door opnieuw zand aan te brengen (zandsuppletie) probeert Rijkswaterstaat de kustlijn op een natuurlijke wijze intact te houden. Het zand komt van de bodem van de Noordzee, zo’n 10 kilometer uit de kust.

Om de kust tussen Hoek van Holland en Scheveningen op een natuurlijke manier aan te laten groeien heeft Rijkswaterstaat ten zuiden van Den Haag een 128 hectare groot schiereiland aangelegd. Het zand van die ‘zandmotor’ verspreidt zich onder invloed van stroming en wind langs de kust waardoor die breder en veiliger wordt. Dat levert ook nog eens een 35 hectare groot natuur- en recreatiegebied op.

(Bronnen: Rijkswaterstaat)