Watersnoodmuseum 20 jaar: bloemen voor vrijwilligers

OUWERKERK – Het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk bestaat 2 april 20 jaar en dat is een heuglijk feit wat niet zomaar voorbij kan gaan, ondanks het feit dat het museum al enkele maanden gesloten is. Om die reden worden alle vrijwilligers verrast met 20 gele tulpen, voorzien van een passend gedicht. Immers zonder vrijwilligers, geen Watersnoodmuseum.

Twintig jaar geleden alweer zette een groep enthousiaste vrijwilligers zich in om het Watersnoodmuseum in Ouwerkerk te realiseren. In 2001 werd gestart in 1 van de vier caissons, gelegen aan de Weg van de Buitenlandse Pers 5. Anno nu draait het Watersnoodmuseum nog steeds grotendeels op de inzet van vrijwilligers en die vrijwilligers worden dan ook zeer gewaardeerd.

Momenteel is het lastig die waardering te laten zien aan de vrijwilligers die sinds half december hun diensten in het Watersnoodmuseum niet kunnen draaien vanwege de coronamaatregelen en de sluiting van het museum. De 140 vrijwilligers zetten zich normaliter op allerlei vlakken belangeloos in zowel binnen als buiten het museum. Zeker degenen die baliediensten draaien IN het museum missen dat enorm.

Daarom gaan vier teamleden in auto’s vol met bosjes van 20 gele tulpen, donderdagmorgen vroeg op pad om alle vrijwilligers afkomstig van Schouwen-Duiveland, Goeree-Overflakkee en zelfs van de Bevelanden persoonlijk de bloemenhulde te overhandigen. Met een kaartje waarop staat:

Op 2 april 2001 openden we voor publiek
En nog steeds is ons museum heel uniek

Inmiddels met meer caissons, verhalen en objecten
En iedere keer weer nieuwe projecten

Voor elk jaar dat het museum bestaat een mooie tulp
Want het museum floreert al 20 jaar dankzij jullie hulp

En zo is het maar net.

Het Watersnoodmuseum begon in 1 caisson, met allerlei materialen, zoals deze dragline

Nog even een korte terugblik naar 20 jaar geleden

In 1993 werd de Watersnoodramp van 1953 voor de eerste keer nationaal herdacht in Oude-Tonge en Nieuwerkerk. De poging om een museum te beginnen, strandde toen bij gebrek aan financiën, maar enkele jaren later lukte dat wel in het kader van plattelandsvernieuwing. Een groep vrijwilligers ging van start met het ombouwen van het eerste caisson tot museum.
Vanaf een proefopenstelling eind 2000 was er meer belangstelling dan verwacht. Ook was er volop medewerking om materiaal en voorwerpen af te staan. Op 2 april 2001 vond de officiële opening plaats. Na de grote bezoekersaantallen in het herdenkingsjaar 2003 (> 50.000) ontstonden er plannen om ook de andere drie caissons erbij te betrekken. Er kwamen werkgroepen, er werden plannen gemaakt en het belangrijkste: de financiering kwam rond (merendeels door niet-overheids organisaties).

Op 23 april 2009 werd de uitbreiding geopend door minister-president Balkenende in aanwezigheid van velen, onder wie de minister-president van Zuid-Korea. Bij de 60-jarige herdenking, in 2013, werd vooruitgekeken naar waterveiligheid, de toekomst van het museum en werd het Oral History Project ‘1953, Het Verhaal’ gestart. Honderden mensen waren bereid hun verhaal te vertellen. Door de groei van het museum en de toenemende bezoekersaantallen werd in 2008 een directeur aangesteld en kwam er versterking op kantoor door betaalde medewerkers. Het museum is sindsdien verder gegroeid tot 100.000 bezoekers op jaarbasis.

De inzet van het nog steeds toenemende aantal vrijwilligers en een klein vast team zorgt ervoor dat het museum kan blijven voortbestaan.

Dat door de coronacrisis het museum nu al enkele maanden gesloten is, is dan ook een flinke tegenvaller. Optimisme blijft echter overeind en het museum hoopt binnenkort weer gasten op locatie te mogen ontvangen. Meer over het Watersnoodmuseum: www.watersnoodmuseum.nl